De grens van de 12.000 faillissementen in België nog vóór Kerstmis overschreden. IZEO pleit voor een nationaal plan tegen deze plaag.

Categorie: 
Stellingname van IZEO

Een akelig record opnieuw gebroken.

In 2011 gingen 10.224 Belgische ondernemingen failliet. Een jaar later was dit het geval voor 11.052 ondernemingen en toen dacht men dat het niet erger kon. Spijtig genoeg kon dit wel.

Hier zitten we dus met een nieuw bitter record: in de 12 maanden van 2013 zullen meer dan 12.000 bedrijven te gronde zijn gegaan. Nog voor Kerstmis is de symbolische grens van 1000 faillissementen per maand overschreden. Eind november stond de officiële teller al op 11.197 faillissementen. Om onder de 12.000 te blijven, zouden er in de maand december 2013 minder dan 803 faillissementen moeten zijn, een zeer gunstig maar ook zeer onwaarschijnlijk getal.

Volgens de analyses van IZEO, de beweging die de zelfstandigen en de KMO bedrijfsleiders vertegenwoordigt en verdedigt, heeft dit mirakel zich niet voorgedaan.

De analyses van IZEO steunen op de volgende elementen:

  • Met de 11.197 faillissementen op eind november 2013 stonden we al 10,58% hoger dan in november 2012.
  • In tegenstelling tot de maand augustus, is de maand december meestal niet bijzonder gunstig (811 faillissementen in december 2011; 929 faillissementen in december 2012).
  • De vertrouwensindicatoren die IZEO bij zijn leden, hun boekhouders en trustmaatschappijen heeft opgevangen in verband met de economische uitzichten en de perspectieven voor hun klanten en leveranciers, wijzen erop dat december 2013 ‘minstens even slecht als december 2012’ is geweest…
  • Wij ontsnappen dus niet aan de fatale piek van 12.000 faillissementen in 2013. Die werd hoogstwaarschijnlijk enkele dagen voor Kerstmis bereikt en ging gepaard met het verlies van meer dan 25.000 banen.

De balans van de netto groei

Voor IZEO bestuurder Alex Tallon is dit een bijzonder verontrustende vaststelling: “Qua faillissementen eindigt 2013 met een dramatische situatie, maar er is meer: het aantal nieuw opgerichte bedrijven loopt aanzienlijk terug. In 2011 ontstonden 74.374 nieuwe ondernemingen. In 2012 viel dit getal terug tot 71.595. In 2013 zouden er nog 10% minder moeten zijn. Dit betekent dat de netto groei van de ondernemingen sinds 2011 met nagenoeg 20% is achteruitgegaan.”

IZEO trekt aan de alarmbel: “Opgelet! We mogen niet vergeten dat faillissement een tweeloopsgeweer is”, aldus Alex Tallon. “Wanneer het een bedrijf neerknalt, bedreigt het ook een tweede die, als schuldeiser van de eerste, nooit zal worden betaald! Daarom pleit IZEO voor een Belgisch plan tegen faillissementen, met inspanningen zowel op federaal als op gewestelijk vlak.”

IZEO vraagt een noodplan tegen faillissementen en een gunstig fiscaal beleid voor zelfstandigen en KMO’s

Aangezien de helft van de gefailleerde bedrijven minder dan vijf jaar oud zijn, dringen vier grote prioriteiten zich op om deze situatie te verhelpen:

  1. Niet alleen moeten meer ondernemingen worden gecreëerd, maar deze jonge bedrijven moeten bovendien gezond en levensvatbaar zijn. Daarom zijn wij voorstander van de invoering van bedrijfsoprichting-cheques en van een pluridisciplinaire begeleiding van starters (door een team van drie samenwerkende deskundigen voor beheer, boekhouding en marketing). Wij wensen dat deze begeleiding tijdens de eerste drie jaar van het bestaan van het jonge bedrijf zou worden aangeboden.
  2. Een betere toegang tot dinanciering: jonge ondernemingen hebben meer eigen vermogen nodig, maar de banken staan weigerachtig tegenover KMO’s. De conclusie is dat men breder moet gaan zoeken en nieuwe financieringsmiddelen aan startende ondernemingen aanbieden (overheidsfinancieringen en -waarborgen, crowd funding, win-win leningen enz.) Ook moet er voor worden gezorgd dat de drie Gewesten op een efficiënte manier het participatiefonds overnemen, dat momenteel wordt geregionaliseerd.
  3. Een gunstig sociaal en fiscaal beleid voor zelfstandigen en KMO’s. Vandaag worden KMO’s meestal aan 26% vennootschapsbelasting onderworpen, terwijl de aanslag voor grote ondernemingen rond 10% ligt. De sociale lasten op de salarissen zorgen ervoor dat voor 100 euro uitbetaald salaris, de KMO bijna 300 euro uitgeeft. Dit is niet langer houdbaar. Het systeem moet veranderen: om faillissementen te vermijden en investeringen en aanwervingen te bevorderen smeken de zelfstandigen en de KMO's, als werkelijke economische long van dit land, om een verlichting van de fiscale druk en om redelijke werkgeverslasten op de uitbetaalde salarissen.
  4. Ten slotte moeten dringend sectorale maatregelen worden getroffen. De sectoren met de hoogste faillissementpercentages zijn de Horeca en de Bouw. Wat de Horeca betreft, zorgt de invoering van het kasregister met fiscale module voor heel wat vrees. Een dergelijke maatregel kan pas worden ingevoerd als er aanzienlijke tegemoetkomingen op het vlak van de sociale lasten worden toegekend. Wat de bouwsector betreft, ligt het gevaar vandaag voornamelijk in sociale dumping, waardoor bedrijven arbeidskrachten tegen een kostprijs van 22 € per uur kunnen aanbieden, terwijl het minimum voor een Belgische onderneming die in België Belgische werknemers tewerkstelt 35 € per uur bedraagt. IZEO vraagt aan de federale regering de druk op het Europees niveau niet te verminderen zolang deze oneerlijke concurrentie blijft bestaan.

Zonder een totaal nieuwe aanpak van de preventie van faillissementen riskeert 2014 even akelig als 2013 te worden, verwittigt IZEO.