Carte blance van Denis Ducarme : de hervorming van het Wetboek van Economisch Recht

Categorie: 
Sociaal-juridische informatie

De hervorming van het Wetboek van Economisch Recht: een billijkere markt - kmo’s en zelfstandigen beter beschermd!

Daadwerkelijke concurrentie op de markt draagt bij tot algemeen welzijn. Ze leidt tot vernieuwing, laat toe te kopen en verkopen aan een rechtvaardige prijs, zorgt voor de komst van nieuwe spelers op de markt, draagt bij tot een betere kwaliteit van goederen en diensten, enz.

Deze concurrentie kan echter vervalst zijn. Dat is zo bij de vorming van kartels, waar de leden afspraken maken om beperkingen van de markt te omzeilen, of bij het ontstaan van monopolies. Maar ook wanneer de concurrentie oneerlijk verloopt.

Het recht tot bescherming van de economische mededinging en de marktpraktijken werd ingesteld om een gezonde concurrentie te waarborgen.

Deze twee rechtstakken bevatten echter vier grote juridische vacuüms.

Eerst en vooral verbiedt het recht tot bescherming van de economische mededinging het misbruik van machtspositie, maar niet het misbruik van economische afhankelijkheid. Een bedrijf dat economisch gebonden is aan een partner is echter even kwetsbaar als een bedrijf dat te maken krijgt met een monopoliehouder. In de twee gevallen kan het dominante bedrijf onevenwichtige voorwaarden opleggen omdat er geen redelijk alternatief bestaat op de markt.

Het misbruik van machtspositie wordt soms buitensporig, waardoor kmo’s of zelfstandigen voorwaarden moeten aanvaarden die totaal onbillijk zijn.

Ten tweede verbiedt het recht inzake marktpraktijken onrechtmatige bedingen in contracten afgesloten met consumenten (B to C). Deze bedingen zijn echter volkomen geoorloofd in contracten tussen ondernemingen (B to B). Met andere woorden, in een B to B-omgeving zijn bedingen die het bedrijfsrisico zonder enige tegenprestatie volledig bij de andere partij leggen, of een partij toelaten eenzijdig de basiselementen van contracten te wijzigen, of het de tegenpartij onmogelijk maken zich in normale omstandigheden te onttrekken aan een onredelijk contract, of deze te verbieden haar rechten te doen gelden in geval van niet-uitvoering van het contract door de partner, wel degelijk geoorloofd, terwijl zij van rechtswege nietig zouden zijn in een contract met een consument.

Ten derde verbiedt het consumentenrecht misleidende en agressieve praktijken, maar enkel tegenover de consument. Met andere woorden: zelfstandigen, handelaars en kmo’s die het slachtoffer worden van misleiding of ongeoorloofde druk ervaren, zijn geenszins beschermd.

Ten vierde heeft een kmo die te maken krijgt met onrechtmatige praktijken geen andere keuze dan alleen en via een burgerlijk proces de strijd aan te binden met een handelspartner waarvan zij mogelijk afhankelijk is voor het grootste deel van haar omzet. Dit betekent dat de vrees voor vergelding vaak een onoverkomelijke drempel vormt om haar rechten te doen gelden.

Dit zijn de vier werven die ik heb geopend om te komen tot een grote hervorming van de economische wetgeving die de zelfstandigen en kmo’s opnieuw in het centrum plaatst van het zakelijk recht.

Dankzij de hervorming van het Wetboek van Economisch Recht zal misbruik van economische afhankelijkheid voortaan verboden zijn. De Belgische Mededingingsautoriteit zal in geval van overtreding boetes kunnen opleggen tot 2% van de omzet van de pleger van het misbruik.

Voortaan zal het verboden zijn om aan kmo’s of zelfstandigen onrechtmatige contractuele bedingen op te leggen. Zij zullen van rechtswege nietig zijn.

In de toekomst zullen misleidende of agressieve handelspraktijken waar onze zelfstandigen of kmo’s het slachtoffer van zijn niet alleen verboden zijn, maar ook vervolgd kunnen worden door de Economische Inspectie.

Kmo’s en zelfstandigen die uit vrees voor vergelding bang zijn om hun rechten te laten gelden, zullen in de toekomst niet meer alleen staan tegenover machtige spelers die hen soms onderdrukken. De Mededingingsautoriteit zal hun klachten in ontvangst kunnen nemen en handelen in naam van het algemeen belang, met belangrijke onderzoeksmachtigingen en mogelijkheid tot gerechtelijke dwang en sancties. De Economische Inspectie zal kunnen optreden tegen daders van oneerlijke handelspraktijken. Onrechtmatige bedingen zullen van rechtswege nietig zijn en de rechters zullen ze bij betwisting ambtshalve naast zich neerleggen. Tot slot zal de Minister van KMO's samen met de Minister van Economie een vordering tot staking kunnen indienen om ervoor te zorgen dat Justitie een einde maakt aan de daden van ongeoorloofde of oneerlijke concurrentie.

Kortom, deze hervorming is een revolutie in het economisch recht. Zij zal bijdragen aan een betere bescherming van de belangen van onze kmo’s en zelfstandigen wanneer zij gebonden zijn door totaal onevenwichtige overeenkomsten, wanneer de leefbaarheid van hun onderneming bedreigd wordt door oneerlijke marktpraktijken of wanneer dominante spelers misbruik maken van hun macht om hen onbillijke voorwaarden op te leggen.


Denis Ducarme